Jan Vervoordeldonk
Een kleine miljoen peperkoeken per jaar
Van 1954 tot 1978 werkte Jan Vervoordeldonk (69) op de peperkoekafdeling in Hal 5 aan de Veemarktkade. Zo’n 2.500 à 3.000 kwamen er dagelijks uit de ovens rollen. Of-ie nog een plakje blieft? Nee. De peperkoek komt zijn neus uit. Maar zijn herinneringen aan De Gruyter zijn zoeter dan honing. “Ze werkte op de bonbonafdeling. In 1964 zijn we getrouwd.”
Toen Jan in de jaren vijftig de lagere school verliet, was het een vanzelfsprekende stap om bij De Gruyter te solliciteren. “Met duizenden kwamen ze uit Den Bosch en omgeving. Maar wel in aparte bussen; als man mocht je niet met de vrouwen van De Gruyter meerijden.
De fabriekskantines waren evenmin gemengd. Toch was het een geweldig bedrijf. Sociaal, gezellig en ze gaven een goed loon. Wel door-en-door katholiek. Zo inspecteerde juffrouw Kappen – de vrijgezelle cheffin van de kantine – vrijdags onze broodtrommels. Dan gluurde ze over je schouder of er geen vlees op je boterhammen zat, want dat mochten katholieken op vrijdag niet eten.
Andere tijden: de gevulde loonzakjes vervoerden ze nog op een bakfiets van het hoofdkantoor in de binnenstad naar hier. Nee, die is nooit overvallen.”
De fabriekskantines waren evenmin gemengd. Toch was het een geweldig bedrijf. Sociaal, gezellig en ze gaven een goed loon. Wel door-en-door katholiek. Zo inspecteerde juffrouw Kappen – de vrijgezelle cheffin van de kantine – vrijdags onze broodtrommels. Dan gluurde ze over je schouder of er geen vlees op je boterhammen zat, want dat mochten katholieken op vrijdag niet eten.
Andere tijden: de gevulde loonzakjes vervoerden ze nog op een bakfiets van het hoofdkantoor in de binnenstad naar hier. Nee, die is nooit overvallen.”
Bloedheet
Aanvankelijk werkte Jan met zo’n 25 collega’s op de witwasserij, waar lege koek- en suikerblikken werden gereinigd. “Die kwamen retour van De Gruyter-winkels. Na het wassen en drogen – allemaal handwerk – werden ze gewikkeld en hergebruikt. In recycling was De Gruyter zijn tijd ver vooruit.”
Eind jaren vijftig belandde hij op de peperkoekafdeling. “Mijn eigen keuze? Ben je gek. Had je niks over te zeggen. Je werd gewoon overgeplaatst.” Zwaar werk, die peperkoek. Eerst werden de ingrediënten gemengd: suikerstroop, roggebloem, bakpoeder, kaneel en eventueel honing. Vervolgens werd het deeg op ijzeren platen gespoten. Die rolden de 180 graden hete oven in, waar de koek in zo’n drie kwartier werd gebakken. Na een etmaal afkoeling werden de peperkoeken gewogen en machinaal verpakt
“Bloedheet, die hal. Het was er altijd zo’n 50 graden. Ventilatie hadden we niet. In je hemdje werken? Mocht niet. Je had een bedrijfsoverall aan. Als het ’s zomers echt te heet werd, kregen we thee.” Wat ook verkoeling bood, was een bezoek aan de aangrenzende bonbonafdeling waar het maximaal 15 graden was.
Eind jaren vijftig belandde hij op de peperkoekafdeling. “Mijn eigen keuze? Ben je gek. Had je niks over te zeggen. Je werd gewoon overgeplaatst.” Zwaar werk, die peperkoek. Eerst werden de ingrediënten gemengd: suikerstroop, roggebloem, bakpoeder, kaneel en eventueel honing. Vervolgens werd het deeg op ijzeren platen gespoten. Die rolden de 180 graden hete oven in, waar de koek in zo’n drie kwartier werd gebakken. Na een etmaal afkoeling werden de peperkoeken gewogen en machinaal verpakt
“Bloedheet, die hal. Het was er altijd zo’n 50 graden. Ventilatie hadden we niet. In je hemdje werken? Mocht niet. Je had een bedrijfsoverall aan. Als het ’s zomers echt te heet werd, kregen we thee.” Wat ook verkoeling bood, was een bezoek aan de aangrenzende bonbonafdeling waar het maximaal 15 graden was.
Onversneden herinneringen
Tot Jan op een dag de hitte naar het hoofd steeg. “Ze werkte op de bonbonafdeling. We werden verliefd en trouwden in 1964. Daar keek niemand gek van op; De Gruyter telde veel huwelijken tussen werknemers. Wel heeft mijn vrouw enkele weken later ontslag genomen. Dat was goed gebruik. Als getrouwde vrouw ging je niet werken, maar een gezin stichten.”
Of Jan nog regelmatig aan de fabrieksjaren terugdenkt? Ja. Maar zonder peperkoek of bonbons in de keukenkast. Vijfenveertig jaar De Gruyter-huwelijk, da’s genoeg zoetigheid.
Of Jan nog regelmatig aan de fabrieksjaren terugdenkt? Ja. Maar zonder peperkoek of bonbons in de keukenkast. Vijfenveertig jaar De Gruyter-huwelijk, da’s genoeg zoetigheid.
Tekst: Eric Alink
